Voor Stadsblad de Echo schrijft Hans al meer dan 10 jaar met veel plezier een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus wordt een column altijd grondig herlezen voor het naar de redactie gaat. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in een boek kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. In 2011 heeft Hans alweer de vijfhonderdste column afgeleverd, maar hij hoopt zeker de duizend te halen.

Amsterdam omsingeld 742
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 15 maart 2017

Het Centraal Station is op een typisch Amsterdamse manier tot stand gekomen. Om het monumentale stationsgebouw van Cuypers te kunnen bouwen moesten maar liefst drie kunstmatige eilanden in het IJ worden aangelegd. Voor de fundering waren 9000 palen nodig en toen moest er nog gebouwd worden. Het aanplempen van de eilanden plus de constructie van het station en het spoorwegemplacement heeft twintig jaar geduurd. Het moet een enorme operatie zijn geweest, vergelijkbaar met de aanleg van de Noord/Zuidlijn.
Nu gonst het opnieuw van de activiteiten. De achterkant van het station is praktisch klaar en vanaf 2018 wordt de voorkant tussen Singel en Geldersekade heringericht. Dat moet een waardige entrée naar de stad opleveren. Vanaf hier wordt de Rode Loper naar de binnenstad uitgerold. Voetgangers en fieters krijgen op het Stationsplein straks veel ruimte. Extra verrassend is het feit dat ter hoogte van het Victoriahotel een deel van het voormalige Prins Hendrikplantsoen wordt afgegraven om het Open Waterfront groter te maken. Als het allemaal uitpakt zoals de ontwerpen laten zien, krijgt het stationseiland weer karakter. Maar voor het zover is, zijn we wel een paar jaartjes verder. In al die plannen ontbreekt helaas één monumentaal onderdeel. Klinkt geheimzinnig, maar het zit zo. Aan weerszijden van het CS werden onder de spoordijk destijds twee doorvaarten - de Ooster- en de Westertoegang – gemaakt. Een derde doorgang kwam iets verderop bij de Korte Prinsengracht. Op deze manier bleef de verbinding met het IJ open en gaf toegang voor de scheepvaart. Ter bekroning werden deze drie viaducten versierd met totaal 22 stenen leeuwen. Op de schilden stond het rijkswapen of het wapen van Amsterdam, symbool voor de strijd tussen stad en rijk. Vanwege ernstige verzakkingen zijn de leeuwen aan de westkant al snel weggehaald en decennia later gebeurde hetzelfde met de overige beelden. Vier leeuwen zijn in het Beatrixpark terecht gekomen en de rest is verspreid over het land. Een groep enthousiastelingen onder de sjieke naam Genootschap Leeuwen van het Centraal Station pleit al jaren voor de terugkeer van in ieder geval twee leeuwenbeelden. Daarvoor hebben ze de verwaarlooosde zuidwesthoek van de Oostertoegang in gedachte. Daar kunnen twee leeuwen worden herplaatst. Het stationsgebied was toe aan herinrichting, maar dit onooglijke hoekje lijkt te worden overgeslagen en is beslist toe aan een flinke opknapbeurt. Er hebben zich al leeuwen gemeld, die met alle plezier hun taak als wakers weer op zich nemen.