Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 741
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 8 maart 2017  

Van het groeiende aanbod van winkels en horeca in de binnenstrad profiteert iedereen. Toch? De aanwas bestaat doorgaans uit koffiebarretjes, ijssalons, Nutellawinkels, souvenirwinkels en nog meer kledingzaken. Dus van diversiteit is niet echt sprake. Traditionele middenstanders hebben vaak al het lootje gelegd vanwege huurstijging en klantenverlies. Zelfs de typisch Amsterdamse bruine kroeg en het aloude koffiehuis – niet te verwarren met de coffeeshop - moeten steeds meer concurrentie dulden. Veranderingen zijn onvermijdeljk, maar het stemt weemoedig als typisch Amsterdamse fenomemen geruisloos uit het straatbeeld verdwijnen.
Een aparte categorie is de historische winkels die meestal vele jaren onder dezelfde naam en op het oorspronkelijke adres zijn gevestigd. Binnen die groep zijn winkels met historische interieurs het meest kwetsbaar. Er zijn er zo’n 40 in de stad, waarvan kruidenwinkel annex drogisterij Jacob Hooy één van de oudste en bekendste is. De sfeervolle winkel op de Kloveniersburgwal 12 met Gotisch balkenplafond en een houten vloer, lijkt sinds 1778 niet veranderd. In laatjes onder de toonbank en in de schappen staan antieke vaten met kruiden en specerijen. Met veel geduld worden de onsjes kruiden afgewogen om vervolgens in papieren zakjes te verdwijnen. Onlangs verscheen een artikel in Het Parool dat de nieuwe eigenaar van het pand – de Nederlandse Beleggingsmaatschappij (NBM) – plannen heeft met dit belangrijke rijksmonument. De geldwolven hebben Jacob Hooy de huur opgezegd en daar laten de huidige eigenaars, Rik en Arne Oldenboom, het niet bij zitten. De zaak ligt bij de rechter en er is een online petitie gestart om de winkel plus het authentieke interieur te behouden.
Het probleem met historische winkelinterieurs is dat er nog niet veel is geregeld en ambtenaren lopen vaak achter de feiten aan. In 2008 verdween bijvoorbeeld het unieke interieur van drogisterij Cleban aan  Heiligeweg 42. De sloop had illegaal plaatsgevonden en Bureau Monumenten & Archeologie wist van niets. Delen van het interieur werden kort daarop bij een handelaar te koop aangeboden. Het incident bij Cleban heeft het stadsdeel wakker geschud. Maar de belofte van het stadsdeel om een interieurwacht op te zetten lijkt niet van de grond te zijn gekomen. Misschien een mooie taak voor enthousiaste mounentenliefhebbers? 
Desondanks zal het niemand verbazen als Jacob Hooy de strijd tegen de projectontwikkelaars gaat winnen. De gebroeders Oldenboom zijn strijdlustig en de kruidenwinkel is onlosmakelijk verbonden met de Nieuwmarktbuurt. Een historische winkel als die van Jacob Hooy hoort gewoon tot het cultureel erfgoed.