Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 728
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 30 november 2016  

Toeval of niet, al fietsend stuit de chroniqueur van oud-Amsterdam regelmatig op met boeken gevulde kastjes. Het begon met een wit exemplaar in de portiek van een flat op de Zoutkeetsgracht, dan een trapgevelhuisje aan de gevel van het Letterenhuis op de Nieuwe Prinsengracht, toen de kunstige Boekenpaal in het Amstelpark en vervolgens een flinke kast naast de toegangsdeur van online uitgeverij De Correspondent op Weesperzijde 94. De laatste ontdekking bevindt zich op de hoek van Tuinstraat 58 en de Eerste Tuindwarsstraat. Voor het pand staat een houten kastje met een olijfboompje ervoor en een bankje ernaast. Een soort geveltuintje voor de boekenliefhebber en een ideale leesplek voor als het zonnetje weer schijnt. In het kastje staat achter glas een aantal boeken van de Duitse schrijver Konsalik, de Godencirkel van Maarten Biesheuvel en nog wat andere titels. Minibieb staat op de witte strook erboven - gratis lenen, ruilen of doneren.
Een minibieb dus! Het is zo’n idee dat, als het niet anders was, best een Amsterdamse vinding kon zijn. Want als het aankomt op het bedenken van simpele dingen, die niks mogen kosten zijn Amsterdammers heel inventief. De oorsprong van de minibieb ligt echter in de plaats Hudson in de Amerikaanse staat Wisconsin. Daar is het bekend onder de naam Little Free Library. Een kastje aan of voor het huis vul je zelf met boeken, daarna is het de beurt aan buurtgenoten en passanten. Zij mogen boeken lenen, ruilen of een mooi boek achterlaten voor iemand anders. Altijd gratis en met de achterliggende gedachte om mooie dingen met elkaar te delen. De minibieb is de ruil- en deeleconomie ten voeten uit. Spullen delen gebeurt natuurlijk al op internet en in de onovertroffen kringloopwinkels, maar de minibieb is die kleine verrassing voor onderweg. Altijd fijn om zo’n geinig kastje tegen het lijf te lopen en er even in te neuzen. Bovendien schept het ruimte in huis, waar boeken nogal eens staan te verstoffen. Waarom een ander geen plezier doen met een boek dat toch niet meer wordt gelezen? Een begin is zo gemaakt en hoeft niet perfect te zijn. Even een blik in de boekenkast, haal er uit wat niet meer gelezen wordt. Stop ze in een mand, krat of doos en zet ze naast de voordeur. Minibieb erop en een briefje erbij dat iedereen een boek mag lenen of ruilen. Voilà, de minibieb.  

Bijschrift:
Openbare boekenkast op de hoek van de Tuinstraat en de Eerste Tuindwarsstraat.