Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 726
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 16 november 2016  

Beetje spottend wordt de grachtengordel wel een Anton Pieckreservaat genoemd. Nog steeds zou daar die romantische sfeer van Pieck’s geïdealiseerd verleden hangen. In zijn tekeningen zette hij het allemaal nog eens extra stevig aan en de oude stad kreeg er zowaar iets sprookjesachtigs van. Het is er aangenaam vertoeven en de tijd lijkt er stil te staan. De vroege bewoners van de grachtengordel leefden vermoedelijk in een heel andere werkelijkheid. Het was een vrij homogene groep van geslaagde kooplieden, bankiers, stadsbestuurders en andere rijke Amsterdammers, die het zich konden permitteren om hier te wonen. Vooral hun succes en rijkdom moesten gezien worden en de buitenwacht maakte er wel een sprookje van.
Museum Van Loon is er een mooi voorbeeld van. Sinds de openstelling in 1973 toont het de geschiedenis van deze regentenfamilie, die sterk verbonden was met de Gouden Eeuw en Amsterdam als centrum van handel en politieke macht. Het is gelegen op Keizersgracht 672 in een prachtig dubbel huis van bouwmeester Adriaen Dortsman uit 1672. De stijlkamers zijn vooral 18de eeuws en overal hangen - het zijn er meer dan  150 – portretten van de familie Van Loon door de eeuwen heen. Jonkheer Maurits Van Loon was de laatste mannelijke telg en bewoonde tot zijn dood met zijn vrouw - tevens grootmeesteres van koningin Beatrix - Martine Labouchère de bovenste verdieping van het huis. Daar werden ze nog ‘heel gewoon’ bediend door een ober in livrei.
Naast een bijzondere keurtuin is ook het fraaie koetshuis een uitzonderlijk gaaf onderdeel van het museum . Het werd in 2009 bij het museum gevoegd. Sinds kort wordt de Gala-berline er tentoongesteld die in 1902 voor de familie Van Loon werd gemaakt. Alles aan dit praalrijtuig – er zijn slechts drie exemplaren in ons land - is om indruk te maken. De randen van de oogkleppen van de paarden zijn bijvoorbeeld verzilverd en op de gala-tuigwaren zijn verzilverde wapens aangebracht. De aanspanning was niet compleet zonder personeel in de juiste kleding. De mannen op de bok gingen gekleed in gala-livrei. Inderdaad, alsof je in een sprookje bent beland.
Ook de geschiedenis van de eens zo roemrijke familie is eindig. Uit het huwelijk van Maurits en Martine kwam één dochter voort. Met het overlijden van Maurits in 2016 stierf de mannelijke lijn van de familie uit. Ach, het sprookje van de familie Van Loon  blijft gewoon  in het museum voortleven.  

Bijschrift:
De Gala-berline is tot 16 januari in het koetshuis van Museum Van Loon te zien.