Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 710
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 27 juli 2016  

Op de Torensluis over het Singel kan het beeld van Multatuli niemand ontgaan. Het werd onthuld op zijn honderdste sterfdag in 1987 en beeldhouwer Hans Bayens heeft de schrijver van het boek ‘Max Havelaar’ geportretteerd met die peinzende, beetje norse blik. De schouders zijn wat gedraaid, waardoor het beeld daadkrachtig overkomt en de snor ontbreekt natuurlijk niet. Een volksheld die respect afdwingt. Wat verderop, in de Korsjespoorsteeg 20 staat Multatuli’s geboortehuis. Twee rugzaktoeristen krijgen een kort hoorcollege over de 19de eeuwse schrijver van de vlijtige conservatrice van dienst. Blijkt dat de helft van de bezoekers uit het buitenland komt. Multatuli heeft alleen zijn eerste drie levensjaren op dit adres gewoond. Bij weerzien vond hij de woning maar klein en beneden zijn waardigheid. Op de bovenetage is ‘zijn’ sfeer opgeroepen met persoonlijke eigendommen zoals meubels, gebruiksvoorwerpen en een deel uit de nagelaten boekencollectie. Een vitrine met onder meer een haarlok, een tafeltje waarop de urnen van Multatuli en zijn vrouw Mimi en het leren koffertje dat hij meenam tijdens zijn lezingen door het land. In een hoek staat zelfs de sofa die als sterfbed van de schrijver heeft gediend. Op zijn bureau liggen wat kopieën van handgeschreven teksten. Zo klein dat het haast onleesbaar is. Een pendule op de schoorsteenmantel staat de tijd weg te tikken in een aangename stilte. Toch vreemd dat hij zelf in deze ruimte nooit een pen op papier heeft gezet. Het beeld van Multatuli – pseudoniem voor Eduard Douwes Dekker (1820-1887) – domineert de Torensluis, ook wel Multatulibrug wordt genoemd. ‘Mooi van lelijkheid. Vooral op zondagochtend in de zomer’, oordeelde schrijver Arnon Grunberg onlangs in Het Parool. Het blijkt in trek bij toeristen. Wat weten zij van de schrijver? Dat Hollanders een verleden hebben waar ze liever over zwijgen? Ooit, stond op een tekstbord in het museum te lezen, vielen een paar leden van de vrijdenkersvereniging ‘De Dageraad’ bij aankomst van het museum op hun knieën en barsten in tranen uit. Dat zal niet snel meer gebeuren. Toen een held, nu een gerespecteerd schrijver en erkend provocateur. Bij ons lijkt de aandacht voor de koloniale geschiedenis wat op de achtergrond geraakt. Niettemin eindigde Multatuli in 2004 op een 34ste plaats in de verkiezing van ‘De Grootste Nederlander’. Zijn geest blijkt in de stad toch meer te leven dan kon worden vermoed.  

Bijschrift bij de foto: 
Het beeld van Multatuli op de Torensluis, een bakstenen boogbrug uit 1648.