Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 704
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 15 juni 2016  

Bijna alles moet tegenwoordig groen en duurzaam. De oude stad heeft dan tenminste één belangrijk voordeel. Liefst 15% van het oppervlak van de Amsterdamse binnenstad bestaat uit tuinen. Zo draagt het een aardig steentje bij aan het filteren van schadelijke stoffen.
Het feit dat veel van die tuinen zijn beschermd door een ‘keur’, is doorgaans niet bekend. Een ‘keur’ is een gemeentelijke verordering van 19 november 1615 en deze nog steeds geldende bepaling vereist dat de erven als tuinen moeten worden onderhouden. Ze worden keurtuinen genoemd en bevinden zich in hoofdzaak achter de monumentale grachtenhuizen tussen Keizersgracht en Herengracht. Veel Amsterdammers zijn vaak verrast door deze oases van rust en stilte, omdat ze praktisch allemaal zijn gelegen in gesloten bouwblokken, keurblokken genaamd.
Destijds werden keurtuinen ook wel buitenzalen genoemd en ontworpen volgens bepaalde principes, zoals lage beplanting zonder bomen. Bij lekker weer kon het hele gezelschap zich van de binnenzaal naar de buitenzaal verplaatsen. Verwacht mocht worden dat de groene oases goed zijn beschermd door deze ‘keur’. Helaas, na de Tweede Wereldoorlog is er in enkele van de 27 keurblokken nogal eens de hand mee gelicht. Gemeentelijk beleid voor de oude stad werd lange tijd grotendeels bepaald door economisch belang. Veel bedrijven - vooral de financiële sector was ruim vertegenwoordigd - waren gevestigd in de statige grachtenpanden. Er moest geparkeerd worden en liefst op het terrein van het eigen kantoor.
Momenteel bestaat er een wisselende situatie van goed onderhouden tuinen tot tuinen met lelijke bouwsels of zelfs een compleet parkeerterrein. Een pijnlijk voorbeeld is te vinden op Keizersgracht 485, waar onder een huis doorgereden kan worden naar een forse parkeerruimte verbonden met Herengracht 436. De auto’s staan gezellig met z’n allen in meerdere keurtuin. Blijkbaar wordt deze situatie al jarenlang gedoogd of is zelfs gelegaliseerd? Gelukkig zijn steeds meer mensen zich bewust van de kwaliteit en schoonheid van de binnenstad inclusief het groen. Dat bewijzen de goed bezochte Open Tuinendagen die jaarlijks worden georganiseerd door een aantal Amsterdamse grachtenmusea. Van komende vrijdag 17 tot zondag 19 juni bestaat opnieuw de mogelijkheid om 27 tuinen te bezoeken. Met de 17de-eeuwse grachtengordel als deel van het werelderfgoed, wordt overtreding van de ‘keur’ steeds lastiger. Bovendien is het een geweldig wapen in de strijd voor schonere lucht in de oude stad.

Bijschrift bij de foto:
Deze werelderfgoedstad kent 27 keurblokken af en toe aangetast, zoals hier in de keurtuin van Keizersgracht 485.