Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 694
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 6 april 2016  

Pronken en pralen. In de Gouden Eeuw wisten bewoners van de Gouden Bocht er wel raad mee. Veel van deze ‘nieuwe rijken’ verdienden goed geld met hun bestaan als koopman, bankier of als stadsbestuurder. Met de bouw van de ruim opgezette huizen kregen ze pas echt de mogelijkheid hun rijkdom te tonen. Dat was niet tegen dovemansoren gezegd. Nut en schoonheid werden gecombineerd met een resultaat waar zelfs nu nog met ontzag naar wordt gekeken.
De familie Cromhout vestigde zich in de voorste linie van deze elite en pater familias Jacob Cromhout (1608-1669) gaf opdracht vier huizen te bouwen naar een ontwerp van bouwmeester Philips Vingboons. Het kwartet – aangeduid als de Cromhouthuizen  - is te vinden op Herengracht 364 t/m 370. Hij betrok zelf het grootste en voornaamste pand op nummer 366. De overige drie werden verhuurd.
Vanaf 1975 waren de twee middelste Cromhouthuizen voornamelijk het domein van het Bijbels Museum. Daarin is verandering gekomen, want het bijbelse aspect is sinds kort alleen nog op de bovenste verdiepingen te vinden. De onderste twee zijn exclusief ingeruimd voor een kennismaking met de familie Cromhout. Er is een eigenzinnige vorm van musealisering toegepast, meer suggestief dan een poging tot reconstructie.
De decoratieve aanpak is fris en eigentijds, terwijl het huis met de vele prachtige details, volop aandacht krijgt. Zoals de plafondschilderingen van Jacob de Wit, de twee antieke keukens, twee prachtige stucplafonds van Ignatius van Logteren en het rariteitenkabinet, gevuld met exotische spullen. Er staan ook twee zeldzame tuinbeelden opgesteld, maar uit welke keurtuin zijn die in hemelsnaam afkomstig?
Staand voor het raam met uitzicht op dit fraaie deel van de Gouden Bocht is het niet moeilijk voor te stellen hoe het er in de 17de eeuw moet zijn geweest. Als alle hedendaagse verschijningsvormen even worden weggedacht, is het beeld nauwelijks aangetast. Vreemd genoeg heeft het verhaal van de Cromhoutdynastie een onvoorspelbare wending genomen. Maatschappelijk gezien maakte de familie destijds een onhandige keuze, waardoor ze haar machtige positie verliest. Uiteindelijk eindigt één van de invloedrijkste families uit de 17de eeuw door een kinderloos huwelijk in Frankrijk. Het leven is als een ademtocht, liet de Bijbel ons al weten. Daar zullen we het mee moeten doen!  

Bijschrift bij de foto:
Eén van de zalen in het Cromhouthuis.