Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 690
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 9 maart 2016  

De Vijzelstraat verdient geen schoonheidsprijs. Ondanks de 50 rijks- en gemeentelijke monumenten is het een tamelijk onsamenhangend geheel. Op oude foto’s oogt de Vijzelstraat als een levendig, sfeervol straatje met een hoop reuring, vergelijkbaar met de Utrechtsestraat of de Leidsestraat. Hoeders over de binnenstad namen het in het verleden niet zo nauw met de aantasting van dit unieke stedelijk gebied. De Vijzelstraat werd in de jaren 20 van de vorige eeuw al opgeofferd aan het verkeer. De westwand werd in 1917  afgebroken, de straat werd verbreed van 8 naar 22 meter en er verschenen ambitieuze, grootschalige gebouwen als het Carlton Hotel en de Nederlandsche Handelsmaatschappij van architect  K. P. C. de Bazel, het huidige Stadsarchief. Met het dempen van de Vijzelgracht in 1934 was verkeersdoorstroming tussen Munt en Weteringcircuit in ieder geval gegarandeerd.
De Vijzelflat tussen Keizers- en Prinsengracht was in 1962 deels ingestort en werd vervolgens gesloopt. Op die plek verrees in 1973 de Vijzelbank van architect Duintjer, met een overbouwing van de Kerkstraat. Over de Bazel en Vijzelbank werd honend gesproken van de Vijzelmuur, ook wel het bankstel genoemd. De voetgangerstunnel onder de Keizersgracht die de twee bankgebouwen verbond, stond bekend als de ‘poentunnel’. Na vertrek van de ABN AMRO naar de Zuidas was lange tijd niet duidelijk wat er met het kolossale gebouw van Duintjer moest gebeuren. Architectuurhistorici beschouwden het als een mijlpaal van het modernisme. Sommige monumentenzorgers pleitten voor een monumentenstatus van deze kolos uit angst voor gesteggel over de kwaliteit van een vervangend ontwerp. In 2014 kwam het complex met een waarde van 100 miljoen euro  in handen van een Duitse beleggersmaatschappij. Onder de naam ‘Prins en Keizer’ kon het beginnen aan een tweede leven met het predikaat gemeentelijk monument. Kantoorverhuurbedrijf Spaces. huurt nu een groot deel van het gebouw. Zij wisten wel raad met invulling van dit lang verguisde icoon uit de jaren zeventig. Waar voorheen bankmedewerkers hun dagen sleten worden nu zzp’ers en bedrijven op allerlei manieren gefaciliteerd. Op Vijzelstraat 68-78 gonst het van de bedrijvigheid. Tijd om met een andere blik naar het kersverse monument te kijken? Speciaal voor lezers van Stadsblad de Echo  is er op zaterdag 12 maart tussen 11 en 13 een bezichtiging mogelijk. De ingang is op Vijzelstraat 68, de chroniqueur van oud-Amsterdam leidt rond en als afsluiting kan iedereen op de achtste verdieping genieten van het magnifiek uitzicht over de oude stad. Niet te missen!

Bijschrift bij de foto: Luchtfoto uit 1973 van het voormalige ABN AMRO bankgebouw aan de Vijzelstraat.