Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 624
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 10 september 2014

Twee weken geleden brachten we een bezoek aan de vroeg-17de eeuwse Westerkerk, die nog steeds als kerk wordt gebruikt en zodoende midden in de samenleving staat. Deze week gaan we naar de Oude Kerk, midden in de rosse buurt. De geschiedenis van deze kerk gaat terug tot circa 1250, toen Amsterdam een kleine nederzetting was bij de dam in de Amstel. Na 1400 kreeg zij de naam de Oude Kerk, nadat even verderop een tweede de Nieuwe Kerk werd gebouwd. Zelfs een huis van God is niet bestand tegen de tand des tijds en dat geldt ook voor deze Oude Kerk. Er waren regelmatig onderhoudsbeurten, maar pas in de periode tussen 1955 en 1979 en in 2013 vond opnieuw een uitgebreide restauratie plaats. Op dit moment wordt het Vater-Müller orgel uit 1726 onder handen genomen, al zijn de kosten hiervoor nog niet geheel gedekt. Net als bij de Westerkerk, zal het benodigde geld vooral komen van particuliere donaties. Van een heel andere orde was de onlangs gehouden boekpresentatie van de uitgave ‘Stof tot nadenken’ gewijd aan de 118 stoelen die gebruikt zijn bij de inhuldiging in 1948 van koningin Juliana in de Nieuwe Kerk. Toen de Nieuwe Kerk gerestaureerd werd zijn deze stoelen naar de Oude Kerk verplaatst. Ze staan in het gedeelte van de kerk dat het Schip genoemd wordt en waar regelmatig muziekuitvoeringen plaatsvinden. De bekleding van de door architect en publicist Anton Abel Kok ( 1881-1951) ontworpen stoelen was aan vervanging toe. Beeldend kunstenaar Sara Vrugt werd gevraagd een dessin voor de zittingen te maken op basis van verzamelde verhalen uit buurt en kerkgemeente. Stadsdichter Anna Enquist maakte er een fraai stuk proza van. Voor elke stoel kwam een apart textielontwerp waarin steeds een woord en een beeld uit de verhalen werd verwerkt. Een briljant idee dat een flinke duit zal hebben gekost. Belangstellenden konden het hele ontwerp- en maakproces in het kerkatelier volgen en het resultaat is prachtig. Als de stoelen in de juiste volgorde staan is het complete verhaal te lezen. Het project is nu dus ook vastgelegd in een mooi boek. Het begrip ‘stof tot nadenken’ kon zelden zo letterlijk worden genomen.  

Bijschrift bij de foto:
De huidige generatie kan soms een belangrijke aanvulling leveren aan het culturele erfgoed. In plaats van wilde plannen om de Oude Kerk te moderniseren zijn 118 stoelen naar een ontwerp van A.A. Kok van een geborduurde zitting voorzien, naar een hedendaags ontwerp van beeldend kunstenaar Sara Vrugt. Als alle stoelen in de goede volgorde staan is er een gedicht te lezen aan de voorzijde van de zittingen.