Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 623
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 3 september 2014

Alweer lang geleden hielden monumentenzorgers zich voornamelijk  bezig met de ‘geveltjes’. Die beperkte visie ligt ver achter ons, want tegenwoordig is de aandacht van monumentenzorg meer gericht op het zogenaamd ‘stedelijk ensemble’. Hieronder worden de grachten, bruggen, bomen en andere groenvoorzieningen, de bestratingen, het straatmeubilair, het verkeer en niet te vergeten de pleinen verstaan. De 26 pleinen in de oude stad hebben allen hun eigen sfeer en gebruiksmogelijkheden. Idealiter zijn ze ruimtelijk, overzichtelijk en vooral ook veilig, schoon en leeg. Dat is wel eens anders geweest, getuige de hier afgebeelde foto uit 1978 van het Haarlemmerplein. In deze tijd functioneert een aantal pleinen nog steeds niet optimaal – het Muntplein is er een voorbeeld van – maar er zijn er die het beter doen, waaronder Amstelveld, Nieuwmarkt, Westermarkt, Noordermarkt en Spui. Er werd lang nogal nonchalant omgegaan met plekken waar mensen elkaar kunnen treffen door een rommelige inrichting met stalletjes, taxistandplaatsen en vooral het parkeren van auto’s. Belangrijk motief om pleinen adequaat aan te pakken is het heroveren van de openbare ruimte. De herinrichting van het vorig jaar opgeleverde Haarlemmerplein – na 40(!) jaar gesteggel – is meteen een succesnummer geworden onder de 26 pleinen in de oude stad. Het Haarlemmerplein dateert uit 1614 en is van oorsprong een oud wagenplein. Paarden en wagens konden hier bij de stadspoort worden gestald. In de eerste helft van de vorige eeuw heeft er zelfs een tram over het plein gereden naar de Spaarndammerbuurt. De onderdelen die het plein onoverzichtelijk maakten zijn intussen verbannen, maar de eenpersoonskrul is gelukkig gehandhaafd! Er kwam nieuwe bestrating met klinkers in een visgraatmotief en met het aanbrengen van de leukste en meest speelse fontein van de stad is het een echte publiekstrekker geworden. Tijdens de zomerse dagen maken vooral jonge kinderen er optimaal gebruik van. Meer reuring bracht ook de komst van de biologische boerenmarkt op woensdag van 10.00 tot 17.00 uur, waar producten worden verkocht door mensen die zelf bij de productie betrokken zijn geweest. Zo kent een ideaal plein in historisch Amsterdam geen permanente functies, maar ligt na een dag van intensief gebruik in alle rust gewoon mooi te zijn. Ook de boerenmarkt – een bezoek is warm aanbevolen - geeft na gebruik het Haarlemmerplein weer gewoon terug aan de bewoners en andere gebruikers.

Bijschrift bij de foto:
Op deze foto uit 1978 zijn behalve veel geparkeerde auto’s ook Haarlemmerplein 1-9 te zien met links de ingang van de Haarlemmerdijk. (Foto: Stadsarchief Amsterdam)