Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 600
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 26 februari  2014    

Het is een feit, deze column telt alweer de 600ste aflevering. Hoe je het wendt of keert, Amsterdam omsingeld blijft een weergaloze combinatie van een grote collectie historische huizen met (soms keur-) tuinen, grachten en een prettig vrijgevochten sfeer. Naast het delen van kennis en informatie, kan de chroniqueur in bepaalde voorvallen soms een actieve rol spelen. Het eerste deed zich voor bij het belangrijke monumentenpand Keizersgracht 224 uit ±1765. In een tijdschrift uit augustus 1987 stond te lezen dat de monumentale schouw, die ooit in de zaal van Keizersgracht 224 had gestaan, verhuisd was naar het Tournooiveld 5 in De Haag. Daarvan maakte de chroniqueur gewag en na intensief gemeentelijk beraad is de schouw uiteindelijk, na meer dan 60(!) jaar, teruggekeerd naar Amsterdam. Het nu weer ‘aangeheelde’ Keizersgracht 224 is onderdeel van Hotel Pulitzer. Een tweede voorval deed zich voor bij het indrukwekkende Singel 58 uit 1753, waar op klaarlichte dag het monumentale fonteintje uit de gang werd gestolen. In de collectie van de chroniqueur bevond zich een foto van het object en uiteindelijk is het teruggevonden en onthuld op de oorspronkelijke plek. Het, voorlopig, laatste voorval van enige betekenis is het terugvinden van een eikenhouten bordje, dat de chroniqueur had gekregen van restaurateur Dick Schoonekamp. Destijds was hij onder meer belast met de restauratie van de beschilderde luiken van de Nieuwe Kerk. Hij vond het bordje in een container, nam het mee naar huis om het weer recht te maken en de tekst aan te helen. De letterlijke tekst is: ‘Roelof Barentsz Duijfchot van Goor en Ioannes Duijfchot Vader en Soon hebben dit orgel hermaekt en verbeetert Ao 1673.’ Bij de chroniqueur was het bordje per ongeluk achter een kast gevallen, maar op 18 februari jl. is het weer terug naar waar het thuishoort en dat is in misschien wel de belangrijkste kerk van ons land, de Nieuwe Kerk. Directeur drs. Cathelijne Broers, nam het in haar prachtige directiekamer aan de Gravenstraat in ontvangst. En nu maar hopen dat het bordje een mooie plek krijgt en niet opnieuw ‘per ongeluk’ in een container of achter een kast belandt.  

Bijschrift bij de foto:
De chroniqueur was in het bezit gekomen van een bordje uit 1673, maar heeft het toch maar teruggebracht naar de Nieuwe Kerk, waar het thuis hoort (foto: Noortje Eijkelboom-Piccardt).