Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 578
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 18 september 2013

Het pand van de buren komt maar één keer te koop, luidt het gezegde. Toen Keizersgracht 399 zes jaar geleden plots vrijkwam heeft Huis Marseille - museum voor fotografie, gevestigd op Keizersgracht 401 – het erbij gekocht. Dat kwam mooi uit, want het wilde graag uitbreiden. Aanvankelijk werd het hele project afgeblazen, omdat overal obstakels opdoken, zowel van financiële, organisatorische als technische aard. Maar heldere blikken van buiten het museum hielpen de boel ontrafelen en na jarenlange stagnatie werden de nodige (monumenten)vergunningen voor de verbouwinng alsnog verkregen. Onderdeel was bijvoorbeeld de goedkeuring van een ‘postzegelbestemmingsplan’, ambtelijke taal voor een klein bestemmingsplan ruimtelijke ordening. Nu is er dan sprake van twee geschakelde museumhuizen of volgens één van de sprekers tijdens de opening, de Huizen Marseille.
Zo’n hele operatie is geen kleinigheid. Op drie plaatsen zijn de twee monumentale panden met elkaar verbonden en de ruimtes zijn omgebouwd tot museumzaal. Bijna vanzelfsprekend bestaat ook het aangekochte huis uit een voor- en achterhuis en in dat achterhuis bevindt zich een ware blikvanger, een fraaie Lodewijk XIV-stijlkamer, die nog helemaal compleet is. De ruim vijf bij acht meter grote plafondschildering zal uit ±1720 dateren en is gemaakt door Johannes Voorhout (1647-1723). Hij was als schilder in Amsterdam actief tussen 1707 en 1723 en vertegenwoordiger van de Amsterdamse historieschilderkunst. De monumentale schouw bevat een schoorsteenstuk met het portret van de Romeinse filosoof Seneca. Opmerkelijk is ook het scharlakenrood – een voor Nederland unieke kleur – dat hier werd teruggebracht. Alleen deze zaal maakt een bezoek aan het museum al de moeite waard. Eenmaal binnen valt er beslist nog genoeg te zien in de veertien(!) zalen die het museum nu telt. En ja, de beide keurtuinen liggen er verzorgd bij. Prettige plek voor een receptie. Grachtenpanden zoals deze worden tegenwoordig verbouwd met zoveel mogelijk behoud van hun karakter en ogen toch fris. De tijd van systeemplafonds lijkt definitief voorbij. Gelukkig is door het museum ook gedacht aan bezoekers die slecht ter been zijn, want er is een lift aangebracht op de binnenplaats. ‘Voor gebruik graag melden bij de receptie’ meldt een klein bordje. Maar dan zoef je in enkele seconden naar de bovenste verdieping!  

Bijschrift bij de foto:
Huis Marseille, museum voor fotografie is 14 jaar geleden begonnen op Keizersgracht 401, het grijze pand in het midden. Het museum heeft het linker buurpand erbij gekocht, Keizersgracht 399. Het museum is min of meer ververdubbeld qua ruimte.