Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 575
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 28 augustus 2013  

Toeristen, maar ook veel Amsterdammers zullen een belangrijk deel van de grachtengordel zelden of helemaal niet zien. De grachtentuinen - ‘groene longen van de oude stad’ - liggen vooral achter de historische huizen op Keizers- en Herengracht en zijn al zo oud als de grachtengordel zelf. Bijna altijd hebben deze oases van rust de vorm van een schoenendoos en heten officieel ‘keurtuinen’. Het stadsbestuur had op 19 november 1615 in een keur (verordening) vastgelegd dat op een kavel van ±50 meter een voor- en achterhuis mocht worden gebouwd met een totale diepte van 30 meter. De laatste 20 meter moest worden gereserveerd voor een siertuin, ook wel buitenzaal genoemd. Zo’n keurtuin kan wel 40 meter diep worden, vooral achter de minder diepe dubbele huizen komt dat regelmatig voor. Al die tuinen liggen keurig naast elkaar in gesloten bouwblokken en daarom is er niet veel van te zien. In totaal zijn er 27 van deze zogenaamde ‘keurblokken’. De regels uit de 17de eeuw gelden nog steeds en zo is het verboden de tuinen te bebouwen, verhardingen aan te brengen of te gebruiken voor opslag. Helaas is daar regelmatig de hand mee gelicht en de afgelopen decennia zijn er nogal wat tuinen omgetoverd tot onder meer parkeerplaats. ‘Onbekend maakt onbemind’ luidt het spreekwoord, maar gelukkig bestaat er een Werkgroep Keurtuinen & Groen die – met het schrijven van bezwaarschriften en het voeren van procedures - zich inzet voor het behoud ervan. Helaas zijn de Open Tuinendagen – zo’n 30 grachtentuinen zijn dan voor publiek toegankelijk - pas weer in het derde weekend van juni 2014, maar dit verborgen schoon is ook te vinden achter een aantal grachtenmusea en dat maakt een bezoek dubbel aantrekkelijk. Het zijn: Het Tassenmuseum Hendrikje, Herengracht 573; Museum Van Loon, Keizersgracht 672; FOAM, Keizersgracht 609; Museum Geelvinck Hinlopen Huis, Keizersgracht 633; Bijbels Museum, Herengracht 366-368; Museum Willet-Holthuysen, Herengracht 605 en Museum het Grachtenhuis, Herengracht 386. Het museum voor fotografie Huis Marseille aan Keizersgracht 401 ondergaat momenteel een verbouwing. Het museum is geopend, maar de uitbreiding plus twee keurtuinen zijn vanaf 7 september weer toegankelijk. Tegen die tijd maar eens kijken of de beschermde tuinen er zonder teveel kleerscheuren zijn afgekomen!  

Bijschrift bij de foto:
Eén van de meest onbekende zaken van oud-Amsterdam zijn de zogenaamde keurtuinen. Hier zijn afgebeeld de twee aan elkaar grenzende keurtuinen van Museum Geelvinck Hinlopen Huis. De twee siertuinen van Keizersgracht  633 en Herengracht 518 zijn beide te bezoeken.