Voor Stadsblad de Echo schreef Hans meer dan 10 jaar een wekelijkse column met als titel 'Amsterdam omsingeld'. Belangrijk voor een monumentenkenner als Hans is dat de feiten kloppen en dus werd het stuk altijd grondig herlezen voor het naar de redactie ging. Er zitten er een aantal tussen waar hij trots op is, zoals het stuk over het terugvinden van een marmeren fontein, die was verdwenen uit een huis aan het Singel. Het fonteintje bleek te zijn gekocht door een nietsvermoedende restaurateur. Na een oproep in ‘Amsterdam omsingeld’ kon het weer op zijn oorspronkelijke plek worden opgehangen. De samenwerking met Stadsblad de Echo werd helaas gestopt, maar een groot deel van de columns is hier terug te lezen. Eind 2017 is Hans gevraagd om een bijdrage te leveren aan de Binnenkrant. Deze wijkkrant verschijnt vier maal per jaar en zijn column is getiteld ‘Thuis in d’Oude Stadt’.

Amsterdam omsingeld 551
Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 6 maart 2013

Van gebrek aan belangstelling voor het cultureel erfgoed is vandaag de dag gelukkig geen sprake. Dat is wel eens anders geweest. Toen de chroniqueur in de jaren 70 als gids zijn eerste wandelingen langs de grachten maakte, was hij één van de weinigen. Zo is het niet meer. Vandaag de dag worden er allerlei soorten excursies georganiseerd, waarbij niet alle gidsen het zo nauw nemen met hun kennis over de historische binnenstad.
Toenemende belangstelling en enthousiasme voor het cultureel erfgoed blijkt ook uit het organiseren van een eerste ‘Open Torendag’. Zowel moderne als historische torens kunnen op zaterdag 9 maart worden beklommen en hopelijk wordt het een jaarlijks terugkerend evenement. De aandacht voor torens is terecht, omdat vooral de vijftien historische torens nog steeds voor een belangrijk deel het silhouet van het beschermde stadsgezicht bepalen. Bovendien zijn het ook nog eens hoogtepunten in de monumentenzorg. Elke 19 jaar worden ze in de steigers gezet en krijgen een grote onderhoudsbeurt. Beroemde stadsbouwmeester Hendrik de Keyser (1565-1621) heeft twaalf torens op zijn naam staan. Op al bestaande middeleeuwse torens, zoals de Montelbaans- en Munttoren, heeft hij spitsen gezet en onder andere Wester- en Zuidertoren zijn in z’n geheel door hem ontworpen. Helaas zijn vier van de twaalf torens - waaronder de Haringpakkerstoren – in de negentiende eeuw gesloopt. Met de aanleg van al die torens kwam er in de stad een dwingende voorziening bij, namelijk het uurwerk. De moderne tijd deed zijn intrede en te laat komen was er vanaf die tijd niet meer bij!
Welke torens zijn opengesteld? Dat zijn de toren van de Beurs van Berlage, De Waag, Fletcher Hotel Amsterdam – met fraai zicht op andere torens - op het Oosterdok, de moderne glazen Kalvertoren, het voormalige verblijf voor landverhuizers en huis van bewaring Lloyd Hotel, Montelbaanstoren, Munttoren, Mövenpick Hotel, Oudekerkstoren, Koninklijk Paleis, Posthoornkerk, Ransdorper toren, wolkenkrabber de Rembrandttoren, Schreierstoren, Overhoeks in Noord, Westertoren en tenslotte de Zuidertoren uit 1614. Torens hebben altijd een flinke aantrekkingskracht op mensen gehad. Klimmen en boven alles en iedereen kunnen uitkijken heeft natuurlijk ook iets magisch. Reden genoeg om er komende zaterdag 9 maart tussen 10 en 16 uur op uit te trekken. Op www.opentorendag.nl staat een uitgebreid programma. De eerste Open Torendag zou wel eens een succes kunnen worden. Nu maar hopen dat het voorjaarszonnetje zich ook laat zien!
    
Bijschrift bij de foto: Een mooi doorkijkje op een historische toren is die op de Westertoren uit 1637 en te bewonderen op de hoek Singel/Driekoningenstraat.