Columns
2014
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Amsterdam omsingeld 603Gepubliceerd in Stadsblad de Echo van 26 maart 2014
Het Amsterdams monumentenbestand houdt gelukkig niet op bij de Singelgracht. De tunnel onder het Rijksmuseum geeft toegang tot Stadsdeel Zuid, dat eveneens grossiert in monumentaal stadsschoon. Wie wandelt niet graag door de lommerrijke straten van oud-Zuid of fietst lekker langs architectuur van de Amsterdamse School? Inmiddels weten ze daar goed wat ze aan architectonisch en stedenbouwkundig kapitaal in huis hebben. In 1980 had al eens een landelijke inventarisatie van belangwekkende objecten uit de periode 1850-1940 plaatsgevonden, maar het was toenmalig stadsdeelvoorzitter Egbert de Vries, die in 2008 het startsein gaf om 150 objecten in Zuid tot gemeentelijk monument te maken. Op 17 maart jl. werd op stadsdeelkantoor Zuid, President Kennedylaan 923, met trots de publicatie over dit zogeheten Gemeentelijk Monumenten Project gepresenteerd. Het boekje bevat beeld plus beschrijving van maar liefst 186 nieuwe, gemeentelijke monumenten in diverse delen van Stadsdeel Zuid, van de Oude Pijp tot in Buitenveldert. Het idee dat een monument vooral heel oud moet zijn, kan definitief naar het rijk der fabelen, want veel Amsterdammers hebben de bouw en aanleg van veel deze objecten misschien zelf nog meegemaakt. Zo’n monumentenstatus bestaat uit veel procedures en bezorgt de eigenaar vaak heel wat rompslomp, maar het levert de stad een mooi, ongeschonden beeld van verschillende bouwperiodes op. Zo wordt het oorspronkelijke ontwerp gerespecteerd, details in kleur- en materiaalgebruik worden weer zichtbaar. De monumentenstatus is iets blijvends en de stad markeert op zorgvuldige manier haar architectonische geschiedenis. Laten we hopen dat het zich ook vertaalt in blijvende zorg voor de woonomgeving.
Naast gloedvolle woorden van Egbert de Vries over monumentenzorg in de verschillende wijken, ging het eerste exemplaar van dit gidsje – heel toepasselijk – naar één van de huurders van een gemeentelijk monument. Het tweede exemplaar ging naar mevrouw Esther Agricola, directeur Bureau Monumenten & Archeologie. Het derde exemplaar - de chroniqueur is gek op verrassingen – ging zowaar naar de chroniqueur van monumentaal Amsterdam, waarbij de stadsdeelwethouder met lof sprak over het veelgelezen Stadsblad De Echo. Een gratis exemplaar is voor de lezers van deze krant af te halen op stadsdeelkantoor Zuid!
Bijschrift: Het Gemeentelijk Monumenten Project werd afgesloten met de presentatie van het gelijknamige boek. Het derde exemplaar werd – de chroniqueur van monumentaal Amsterdam wist van niks – zowaar uitgedeeld aan de schrijver van de blijkbaar veel gelezen column. (foto: Angèle Koenis)